Goed beheer akkerranden draagt bij aan biodiversiteit

Steeds meer gemeenten en organisaties, die een duurzaam gebruik van hun gronden voorstaan, stimuleren ook de aanleg van randen langs akkers en weilanden. Een goede ontwikkeling, maar de vraag is wel of alle mogelijkheden al optimaal worden benut.

Een goed beheer van de randen langs akkers en weilanden kan bijdragen aan een betere waterkwaliteit en meer biodiversiteit. Daarnaast is het een natuurlijke vorm van bestrijding van plagen.
Waar verbeteren van de waterkwaliteit het belangrijkste doel is worden vaak randen van 3 tot 4 meter breed aangelegd. Via de regeling ANLB (agrarisch natuur- en landschapsbeheer) is zo al veel meer dan 800 kilometer aan akkerranden aangelegd. Met als belangrijkste doel om te voorkomen dat er mest en gewas- en onkruidbestrijdingsmiddelen in het oppervlaktewater terecht komen.
Randen langs akkers en weilanden kunnen ook meer functies vervullen dan alleen verbeteren van waterkwaliteit. Denk aan voedsel-, nest en broedgebied voor vogels, leefgebied voor nuttige insecten die zorgen voor natuurlijke plaagbestrijding en randen met bloemen zijn ook gewoon mooi om te zien. De randen met een meervoudige functie moeten breder zijn: zeker 6 tot 12 meter breed. Randen die elk jaar worden ingezaaid, zijn mooier en bloemrijker, maar niet per se beter voor inheemse biodiversiteit. Meerjarige, inheemse mengsels zijn ecologische veel waardevoller.
Hoe breder de randen, hoe beter ook voor de doelen waterkwaliteit en plaagbestrijding.
Er zijn verschillende soorten randen, die biodiversiteit stimuleren:

  • De bloemrijke rand en bijenrand:
    toepasbaar op melkveebedrijf rond weilanden en akkers en zowel mooi voor het landschap als goed voor de biodiversiteit. Het is goedkoper om niet ieder jaar in te zaaien, maar in te zetten op meerjarige inheemse kruiden. De bijenrand die een gefaseerd maaibeheer zorgt voor de meeste biodiversiteit
  • De kruidenrijke zoom:
    een ruige strook langs landschapselementen met bomen en struiken. De kruidenrijke zoom heeft een dubbel effect. Er is minder last van schaduw op het landbouwgewas en het heeft een belangrijke functie voor biodiversiteit;
  • De graankruidenrand:
    vooral interessant voor specifieke vogelsoorten zoals de patrijs. Graan biedt voedsel en schuilgelegenheid, ook in de winter.

Welke rand je op welke locatie kunt toepassen hangt af van onder meer het landschapstype, het grondgebruik en eventuele doelsoorten.

Meer informatie
Over de landschapstypen en welke randen daar thuishoren is veel informatie beschikbaar in het kader van de Stimuleringsregeling Landschap. Kijk op de viewer met landschaps-en themagebieden en per perceel kun je het landschapstype met bijpassende randen zien.

Op www.boerenbunder.nl kun je het huidige grondgebruik op percelen nagaan. Voor de inrichting van randen is onder meer het onderscheid tussen ‘grasland’ en ‘bouwland’ van belang. In de praktijk zie je dat randen worden gebruikt om leefgebied te creëren voor bepaalde doelsoortenzoals patrijs, kievit, geelgors, gele kwikstaart, wilde bijen of dagvlinders.

Meer weten?

Stuur een mail naar Carlo Braat: cbraat@brabantslandschap.nl
Brabants Landschap kan advies geven welke rand het beste past bij een perceel.

DuurzameGronduitgifte.nl is een initiatief van